Voor dit verhaal heb ik de feiten geraadpleegd via DBNL (KB, nationale bibliotheek)
Korte Beschrijving voor het Uitrusten van een Groenlands-vaarder
In de schemerige uren van de herfst, wanneer de lucht zijn kleuren begint te verliezen en de eerste adem van de winter het land omarmt, verzamelt een groep mensen zich met een stille vastberadenheid. Hun doel is niet slechts om een schip voor de uitgestrekte en onbekende wateren van Groenland uit te rusten, maar om een avontuur voor te bereiden dat de grenzen van de menselijke ervaring zal verkennen. Hun eerste taak is om een kapitein te vinden die niet alleen bedreven en enthousiast is, maar wiens ogen het stille vuur van vastberadenheid uitstralen. Deze kapitein, een man van ervaring en moed, wordt met zorg gekozen.
Zodra deze kapitein is aangesteld, neemt een andere persoon, belast met de verantwoordelijkheden van de groep, de taak op zich om de kapitein bij te staan als raadgever en assistent. Deze man, met zijn handen vol zorg en zijn geest vol verantwoordelijkheden, moet alles wat nodig is voor de reis verzamelen, organiseren en voorbereiden. Zijn werk moet onberispelijk zijn, zodat de kapitein, wanneer de reis ten einde is en hij weer voet zet op vertrouwde grond, geen enkel teken van ontevredenheid zal hebben over de voorbereiding van hun gezamenlijke onderneming.
Als het om het bouwen van een nieuw schip gaat, is de herfst het seizoen om ermee aan te vangen. Het schip en de uitrusting moeten gereed zijn voor het voorjaar dat zich langzaam aandient. Voor een schip dat zijn dienst al heeft bewezen, zijn de wintermaanden een tijd van voorbereiding. Het tuig, de lijnen, de blokken, het ijzerwerk en de tonnen voor de visserij worden zorgvuldig klaargemaakt. Zodra het schip en de kapitein zijn voorbereid, wordt het personeel ingehuurd – eerst sporadisch en daarna continu, totdat de dag van vertrek is aangebroken. Voordat het schip zijn winterrust verlaat, worden alle naden en hoeken onderzocht en hersteld. Soms wordt de huid van het schip vernieuwd, zodat het met hernieuwde kracht het ijs kan weerstaan.
Wanneer de laatste hand aan het schip is gelegd en het weer in de stroom is gelegd, worden twee tot drie ervaren schippers ingehuurd. Deze mannen, met hun handen die de rauwe werkelijkheid van het leven kennen, brengen alle uitrusting aan boord. Dit kost dagen van onophoudelijk werk, want het gereedschap dat zij overbrengen, is zo talrijk en divers dat het zelfs de meest ervaren zeeman zou verbazen. De inventaris, een ongrijpbare lijst van instrumenten en benodigdheden, weerspiegelt de complexiteit en de schoonheid van de reis die voor hen ligt.
De scheepsuitrusting, zorgvuldig verzameld en in kratten verpakt, is een indrukwekkende getuigenis van het avontuur dat staat te wachten. Hier volgt een lijst van wat nodig is om deze reis te maken, een catalogus van hoop en verwachting, opgesteld met de precisie van een kunstschilder die zijn palet ordent.
Inventaris van al het visuitrusting en proviand voor een Groenlandvaarder
- 3 tot 4 sloepen
- Sloepmasten
- Roeren
- Zeiltjes
- Kleden
- Haken
- Hamerwerk
- Kompassen
- Kapmessen
- Hoornen om op te blazen bij mistig weer
- 50 riemen
- 50 lijnen
- 2 sloeptalies
- 1 harpoenkist
- 2 lenskisten
- 65 harpoenen
- 36 harpoenstokken
- 14 walvisharpoenen met stokken
- 8 fuijtsen (lange harpoenen)
- 65 lensen, met en zonder stokken
- 50 lensstokken
- 24 walrus-lensen met stokken
- 4 losse walrus-lensen
- Schiet-lensen
- 2 grote neus-haken
- 3 kleine neus-haken
- 4 neus-haken, 2 met en 2 zonder stroppen
- 6 baardankers
- 12 klauwen
- 3 beitels
- 4 bijlen
- 6 messen
- 2 dreggen
- 4 takelhaken
- 6 paar sporen
- 12 pikhaakjes met stokken
- 18 hand- of spekhaakjes
- 20 tot 30 ijsbomen
- 1 koevoet
- 6 scheppen
- 4 ijzerwikken
- 12 spekmessen zonder stokken
- 5 strandmessen met stokken
- 16 bankmessen
- 8 kapmessen
- 6 schrapers
- 1 topreep
- 1 sleeptouw
- 1 jijn
- 1 groot jijnblok met 3 schijven
- 1 jijnblok met 2 schijven
- 1 groot blok met 1 schijf
- 1 neus-jijnblok met 3 schijven
- 1 neus-jijnblok met 2 schijven
- 2 spektakels
- 4 galgjijns
- 3 grondtouwen
- 2 enkele talijtjes
- 1 leng
- 1 dreggetouw
- 4 schijven voor de dreg
- 10 spekstroppen
- 1 spekkarnaat
- 1 galg
- 6 mikken
- 4 windbomen
Voor de bevoorrading:
- 3 slaijen
- 3 houten pompen
- 6 scheppertjes
- 2 traankitten
- 700 karteelen
- 1000 sponsen
- 12 pikkers
- 1 slijpsteen met een bank
- 6 wetstenen
- 1 disseltje
- 1 plugboor
- 1 sponsboor
- 3 koperen ketels
- 3 trechters
- 3 pompen
- 1 balijpek
- 12 kluwens werk
- 6 bos mos
- 13 rollen stopdoek
- 1 rol Frans zeildoek
- 1 schuijlzeil
- 2 mamieringen (1 groot, 1 klein)
- Een partij kloppers en dolle
- 12 bos huijsing
- 4 bos ongeteerde en 1 bos geteerde marling
- 2 bos stiklijn
- 1 opgeslagen tros
- 2 lijnen van 9 en 2 van 6 met een kluwen 3-draadgaren
- 12 bos witte en 12 bos geteerde lording
- 3 leren broeken
- 3 paar leersen
- 12 Noordse delen
- 12 driekwartsbladen
- 12 halfduimsbladen
- 25 vaam brandhout
- 2.300 spijkers, klein van formaat
- 4 pond seep
- 20 tot 30 psalmboekjes
Voor de kok:
- 1 schuimspaan
- 2 schaflepels
- 1 dooppan
- 2 potten
- 2 pannen
- 6 holle bakken
- 6 vlakke bakken
- 12 dooplokjes
- 3 kranen
- 6 drinkkannen
- 2 vuurslaglaadjes
- 14 pond kaarsen
- 1 kan olijfolie en katoenolie
- 1 zak zout
- 24 grote bezems
- 24 handbezems
- 12 rijsebezems
- 3 ezels
- 1 trommel op een schip, zonder geschut
Voorraden:
- 2000 pond hard brood
- 16 zakken weekbrood
- 1 ton witte biscuit
- 3½ ton boter
- 700 pond zoete melk kaas
- 400 pond komijnekaas
- 1000 pond stokvis
- 1 ton haring
- 18 zakken gort
- 16 zakken grauwe erwten
- 10 zakken witte erwten
- 5 zakken bonen
- 8 ton vlees
- 500 pond spek
- 1 vat mosterd
- 34 kwart bier
- 4½ beste bier
- Een half oxhoofd wijn
- 3 ankers brandewijn
- 5 tot 6 pond suiker en siroop, alsmede wat pruimen, vijgen, rozijnen, olijven, peper, foelie, noten en andere specerijen
Voor de kajuit:
- 3 ankers Franse wijn
- 2 ankers brandewijn
- 1 anker jenever
- Een half oxhoofd azijn
- 100 eieren
- 50 citroenen
- 8 pond suiker, siroop en enkele specerijen
De bemanning wordt opgeroepen om zich aan boord te melden. Het ritueel van het monsteren, waarbij elk lid zijn vergoeding ontvangt, is als een ceremonie van oude tijden. De commandeur, gezeten in de kajuit, ontvangt zijn deel van de betaling en de lof van het karteel, terwijl de stuurman, harpoenier en andere bemanningsleden hun eigen bijdragen en beloningen ontvangen. De verdeling van taken en verantwoordelijkheden vindt plaats met een zorgvuldigheid die de ernst van de onderneming onderstreept.
Maandelijkse betalingen:
- Timmerman: 36 gulden
- Chirurgijn: 28 gulden
- Hoogbootsman: 26 gulden
- Kok: 26 gulden
- Algemeen bevaren volk: 18 tot 20 gulden
- Onbevaren en halfwassen brasems: 12 tot 13 gulden
- Stuurman op de sloep van de vis: 2 tot 3 gulden
- Lijnschieter van de vis: 30 tot 40 stuivers
Na de betaling keert iedereen terug naar huis om zich voor te bereiden. De kleding, rugzakken en medicijnen worden verzameld, en de laatste voorbereidingen worden getroffen. Zodra het schip klaar is om te vertrekken, ontvangt de bemanning een loods die hen naar Texel zal brengen. Bij aankomst begint het proces van het kiezen van de wacht en de verdere organisatie van de expeditie.
Het schip, beladen met uitrusting en verwachtingen, verlaat de haven en begint zijn reis naar het onbekende. Over het zand, voorbij Texel, worden de sloepen op een traditionele manier verdeeld. Wanneer ze het land van ijs bereiken, worden de stuurders geloot, en elke bemanningslid wordt aan zijn taak toegewezen. Met een nauwgezetheid en een toewijding die typerend zijn voor de zee, worden de harpoenen, lijnen en lensen klaargemaakt, en het schip zet koers naar een avontuur vol belofte en ontbering.
In de stilte van de vroege ochtend, wanneer de lucht helder en de horizon wijd is, is er een stille verwachting. De bemanning, gereed voor hun taak, houdt hun adem in, wachtend op de eerste tekenen van de vissen. En in deze momenten van geduld en voorbereiding, ontvouwt zich het verhaal van hun avontuur, een verhaal van moed en doorzettingsvermogen, verteld in de zachte fluisteringen van de zee.